|
Water wordt van oudsher ervaren als één van de oerelementen naast grond,
lucht en vuur. In de huidige context is men het er over eens dat het recht op
goed water één van de fundamentele rechten van de mens en van de gemeenschap
is. Aangezien heel wat instanties zich bezighouden met de verschillende aspecten
van het water in Vlaanderen, is het noodzakelijk dat er samenwerking is en moet
men streven naar een integraal waterbeleid.
Wat is integraal waterbeleid?
Integraal waterbeleid kan men definiëren als een beleid, ten aanzien van de
waterwegen en alles wat ermee samenhangt, dat er op gericht is om het
watersysteem optimaal al zijn functies te laten vervullen en dit op zo’n
manier dat ook de toekomstige generaties dat watersysteem zullen kunnen
gebruiken.
Het is de samenhang tussen:
- oppervlakte- en grondwater en waterbodem en oever,
- de hoofdstroom en de kleinste gracht in het bekken van die stroom, met
inbegrip van de daarin voorkomende levensgemeenschappen en waarbij rekening
gehouden wordt met alle fysische, biologische en chemische processen én met
de daarbij horende infrastructuur
Het gaat hierbij om de 5 hoofdfuncties, namelijk:
- de aan- en afvoerfunctie waarbij gedacht wordt aan de extreme toestanden
van te veel aan water (de strijd tegen de overstromingen) en het tekort aan
water
- de economische functie met als eerste de scheepvaartfunctie, maar ook het
leveren van proceswater aan de elektriciteitscentrales en bedrijven, het
bevloeien van landbouwgronden, het winnen van grondstoffen (zand en grind en
…) enzovoort
- de ecologische functie, met de zorg voor de levensgemeenschappen aan en in
en op het water en de oever, en met de zorg voor een gepaste biodiversiteit,
het bevloeien van natuurgebieden enzovoort
- de recreatieve functie, met voorrang voor de zachte recreatie, maar zonder
de harde uit te sluiten
- de landschappelijke functie waarbij er voor gezorgd wordt dat de
waterweg het landschap boetseert, en dat waar nodig letterlijk maar ook
figuurlijk (tegen de versnippering) bruggen geslagen worden over deze
lijninfrastructuur; waar de kunstwerken (bruggen, sluizen, torens) niet
alleen kunstwerken zijn maar opnieuw kunstwerken worden
|