In 2005 heeft De
Lijn een pilootstudie uitgevoerd: het potentieelonderzoek voor het
vervoergebied Roeselare werd reeds opgestart in 2004. De bedoeling van deze
pilootstudie was:
> het ontwikkelen van een
gestandaardiseerde methode voor het uitvoeren van de potentieelonderzoeken
> het structureren en
“sjabloneren” of uitwerken van de nodige rapporten
> het opstellen van een
evaluatiemethode voor de geselecteerde projecten om tot een rangschikking te
komen in de vorm van een prioriteitenlijst.
Er
werd een begin gemaakt met studies in de vervoergebieden Turnhout (station
Brecht) en Limburg (snelbussen), echter minder uitgebreid dan die volgens de
in de pilootstudie ontwikkelde onderzoeksmethode.
Dit
omwille van het gebrek aan gespecialiseerd personeel (zie personeelsstop in
2005).
In
2006 wil De Lijn op kruissnelheid starten met één potentieelonderzoek per
vervoergebied in elke entiteit (in totaal vijf potentieelonderzoeken). Het
potentieelonderzoek zal uitgevoerd worden volgens de geijkte methode,
ontwikkeld in de pilootstudie. Een planning is voorzien tot 2012 waarbij
jaarlijks minimum 2 onderzoeken zullen gefinaliseerd worden.